Van backstage tot beste acteerprestatie: dit zijn de grote Nederlandse theaterprijzen van 2026

Foto: Mark Bolk

Wie zondagavond tijdens het Gala van het Nederlands Theater alle prijzen voorbij zag komen, kon zomaar de draad kwijtraken. Theo d’Or, Gouden Krekel, Prosceniumprijs, Mime/Performance Prijs: het Nederlandse theater kent nogal wat onderscheidingen. Maar waar worden die eigenlijk voor gegeven? Tijdens de afsluiting van het Nederlands Theater Festival werden de belangrijkste theaterprijzen van het seizoen 2025-2026 uitgereikt. Dit zijn de winnaars en vooral: dit betekenen die prijzen.

Het Nederlands Theater Festival kun je zien als de jaarlijkse terugblik op het Nederlandse theaterseizoen. Elf dagen lang waren in Amsterdam voorstellingen te zien die door verschillende vakjury’s tot de opvallendste van het afgelopen seizoen werden gerekend. Het festival begon met de Staat van het Theater en eindigde zondagavond in Internationaal Theater Amsterdam met het Gala van het Nederlands Theater.

Dat gala is daarmee een beetje de jaarlijkse prijsuitreiking van de Nederlandse podiumkunsten, al wordt hier veel breder gekeken dan alleen naar bekende acteurs. Ook jeugdtheater, mime en performance, muziektheater, ontwerp en het werk achter de schermen krijgen eigen onderscheidingen. En dat maakt de prijzen juist interessant: ze laten zien hoeveel verschillende vakgebieden er nodig zijn om uiteindelijk die voorstelling op het toneel te krijgen.

ACT Award: aandacht voor wie makers mogelijk maakt

De ACT Award gaat niet naar een specifieke rol of voorstelling, maar naar iemand of een organisatie die van grote betekenis is voor het acteursvak. Dit jaar ging de prijs naar Via Rudolphi Producties.

Het theaterbureau bestaat sinds 1987 en begeleidt zowel nieuwe als gevestigde theatermakers. De jury benadrukt onder meer Het Debuut, waarmee jaarlijks afstudeervoorstellingen de mogelijkheid krijgen om door Nederland te toeren. Makers krijgen daarbij niet alleen een podium, maar ook productie, publiciteit en zakelijke begeleiding.

Volgens de jury bood Via Rudolphi bovendien al ruimte aan uiteenlopende stemmen lang voordat diversiteit een vast onderdeel werd van cultuurbeleid. Daarmee is de ACT Award vooral een erkenning voor iets wat je als bezoeker meestal niet ziet: de infrastructuur die nodig is om nieuwe makers daadwerkelijk een carrière te laten opbouwen.

Prosceniumprijs: de dramaturg uit de coulissen

Nog zo’n prijs voor werk dat voor het publiek vaak grotendeels onzichtbaar blijft, is de Proscenium-achter-de-schermen-prijs. Die ging dit jaar naar Vereniging Motorisch Moment (MoMo), de begin 2026 opgerichte vakvereniging voor dramaturgen.

Een dramaturg denkt mee over de inhoudelijke structuur van een voorstelling. Over de betekenis van een tekst, de verhouding tussen scènes, de context waarin een verhaal wordt verteld en de keuzes die een regisseur of maker maakt. Het is dus geen persoon die je tijdens het slotapplaus automatisch herkent, terwijl dramaturgie grote invloed kan hebben op wat je uiteindelijk ziet.

De Toneeljury noemt de dramaturg een soort ‘bezielde wetenschapper’ binnen de theaterkunst en ziet juist nu behoefte aan herwaardering van het vak. MoMo probeert daarom de positie van dramaturgen te verstevigen, onder meer door kennisuitwisseling, netwerkvorming en samenwerking met opleidingen en vakbonden.

Ontwerpersprijs: als decor, geluid en digitale wereld één geheel worden

Ook theaterontwerp gaat inmiddels veel verder dan een decorwand en een paar lampen. De Ontwerpersprijs ging naar Samuel Baidoo en co. voor het gezamenlijke ontwerp van Plum Road Tea Dream / The Performance.

Het project bevindt zich ergens tussen videogame, performance en expositie. Via een game-engine ontstaan verschillende droomwerelden waarin thema’s als gemeenschap, rouw, veiligheid en technologie worden onderzocht. De speler of bezoeker beweegt daar niet door een traditioneel lineair verhaal, maar door een digitale omgeving met onder andere een dream garden voor queer mensen van kleur en een monument voor slachtoffers van politiegeweld.

Volgens de jury vormen de computer op het podium, muziek, geluid, RPG-elementen, de digitale werelden en een theeceremonie uiteindelijk één consequent universum. De Ontwerpersprijs onderstreept daarmee ook hoe breed het begrip theaterontwerp tegenwoordig is: een digitaal landschap kan net zo bepalend zijn voor een voorstelling als kostuum, licht of scenografie.

Voor het eerst een prijs speciaal voor muziektheater

Nieuw dit jaar is de Muziektheaterprijs. De allereerste winnaar werd All the Lonely People van Silbersee, Martin Fondse Music en Mart van Berckel.

De voorstelling bouwt voort op De Eenzame Uitvaart van schrijver Joris van Casteren, waarbij aandacht wordt gegeven aan mensen die overlijden zonder dat er nabestaanden aanwezig zijn om afscheid van hen te nemen. In All the Lonely People wordt dat gegeven vertaald naar een theatrale ceremonie.

Volgens de jury begint de voorstelling bijna zakelijk, met dossiers en archiefkratten. Actrice Jacqueline Blom leest documenten terwijl musici aanvankelijk de rol van archiefmedewerkers lijken te vervullen. Langzaam verdwijnt die afstand en worden de levens achter de documenten steeds menselijker.

Juist de wisselwerking tussen muziek en theater gaf voor de jury de doorslag. Muziek is hier niet simpelweg begeleiding, maar bepaalt mee hoe het verhaal zich ontvouwt. Daarmee maakt deze nieuwe prijs ook zichtbaar dat muziektheater een eigen kunstvorm is, ergens op het snijvlak van theater, compositie, zang, performance en beeld.

Mime en performance: Cherish Menzo wint met FRANK

De Mime/Performance Prijs ging naar FRANK van Cherish Menzo, een productie van GRIP en Theater Utrecht in samenwerking met Dance On Ensemble.

Wie bij mime nog aan iemand in een denkbeeldige glazen doos denkt, moet dat beeld ondertussen behoorlijk bijstellen. Binnen deze prijs gaat het juist om lichamelijk en vaak experimenteel theater waarin tekst lang niet altijd het belangrijkste middel is.

In FRANK onderzoekt Menzo onze fascinatie voor het monsterlijke. Frankenstein vormt een inspiratiebron, maar de voorstelling grijpt ook terug op de Baka Gorong: geheime ontmoetingsplaatsen op plantages in het gekoloniseerde Suriname, waar tot slaaf gemaakte mensen verboden Winti-rituelen uitvoerden en vluchtplannen smeedden.

De jury beschrijft een rituele, soms tranceachtige voorstelling waarin Menzo haar publiek tegelijkertijd aantrekt en op afstand houdt. Het Surinaamse kinderliedje Faya siton no bron mi so aan het einde noemt de jury zelfs een van de sterkste en pijnlijkste finales van het afgelopen theaterseizoen.

Van Zilveren naar Gouden Krekel: de belangrijkste jeugdtheaterprijzen

Voor jeugdtheater zijn er de Krekels. Gedurende het seizoen worden makers en producties onderscheiden met een Zilveren Krekel. Uit die prestaties worden tijdens het Gala uiteindelijk de winnaars van de Gouden Krekels gekozen: de belangrijkste prijzen binnen het Nederlandse jeugdtheater.

De Gouden Krekel voor meest indrukwekkende podiumprestatie ging dit jaar naar Sue-Ann Bel en Hali Neto voor Let’s Go Barbie van Maas theater en dans.

In de woordeloze voorstelling veranderen de twee performers elkaar voortdurend in hun eigen versie van Ken en Barbie. Wat aanvankelijk cartoonesk en speels is, wordt volgens de jury steeds kwetsbaarder. De voorstelling gaat over genderrollen en schoonheidsidealen, maar ook over de vraag wat er gebeurt wanneer je blijft proberen te voldoen aan een identiteit die eigenlijk niet bij je past. Daarbij wordt ook expliciet gekeken naar de witheid van het klassieke Barbiebeeld.

De Gouden Krekel voor meest indrukwekkende jeugdtheaterproductie ging naar DONNIE van Poldertheater in samenwerking met De Nationale Opera. Het is een vrije bewerking van Don Giovanni, maar dan in een middelbare-schoolklas.

Daar probeert Donnie eerst een nieuw meisje voor zich te winnen. Wanneer zij hem afwijst, begint hij een pestcampagne tegen haar. De jury prijst vooral hoe precies de voorstelling laat zien hoe groepsdruk en macht in zo’n klas werken: niet alleen de dader, maar ook alle mensen die zwijgen, meelopen of bang zijn om zelf buiten de groep te vallen, hebben invloed op wat er gebeurt.

Opvallend is bovendien de combinatie van hiphop en muziek die teruggrijpt op de oorspronkelijke opera. Zo wordt een eeuwenoud verhaal niet simpelweg opnieuw opgevoerd, maar gebruikt om naar sociale verhoudingen onder jongeren van nu te kijken.

De Theo d’Or: niet langer één ‘beste acteur’, maar verschillende soorten prestaties

En dan de bekendste toneelprijzen van de avond: de Theo d’Ors. Waar zulke prijzen makkelijk kunnen klinken als een wedstrijdje ‘wie was de beste acteur?’, maken de categorieën juist onderscheid tussen verschillende soorten podiumprestaties.

Voor het seizoen 2025-2026 werden drie Theo d’Ors uitgereikt.

Meest grensverleggende podiumprestatie: Jacobien Elffers & De Superdrum

Foto: Isabelle la Poutre

De Theo d’Or voor meest grensverleggende podiumprestatie ging naar Jacobien Elffers & De Superdrum voor SUPERDRUM van De Veenfabriek en Touki Delphine.

De voorstelling speelt met een onderwerp dat inmiddels overal opduikt: onze relatie met technologie en kunstmatige intelligentie. Elffers lijkt zich in een dystopische wereld te bevinden waarin de laatste mens alleen nog kan communiceren met een enorme druminstallatie.

Interessant is volgens de jury vooral dat de verhouding tussen mens en machine voortdurend verschuift. Wie bestuurt hier eigenlijk wie? De installatie wordt zo niet alleen decor of muziekinstrument, maar bijna een tegenspeler. Juist doordat die toekomst vreemd én herkenbaar voelt, stelt de voorstelling volgens de jury vragen over een wereld waarin echt en kunstmatig steeds lastiger uit elkaar te houden zijn.

Bijdragende rol: Samantha Cherish Wielkens in BLACK JOY

Foto: Lowiegraphy

Samantha Cherish Wielkens won de Theo d’Or voor meest indrukwekkende acteerprestatie in een bijdragende rol voor BLACK JOY van Theater Oostpool en Dawn Collective.

Samen met drie andere Zwarte Nederlandse vrouwen onderzoekt ze in de voorstelling ‘joy’ als een vorm van protest. Wielkens speelt daarbij een uitvergrote versie van zichzelf en beweegt volgens de jury schijnbaar moeiteloos tussen humor, woede, ernst en kwetsbaarheid.

Dat haar rol ‘bijdragend’ wordt genoemd, betekent overigens niet dat deze minder belangrijk is. Het gaat om een rol die niet de centrale dragende positie binnen de voorstelling inneemt, maar wel wezenlijk bijdraagt aan het geheel. De jury noemt Wielkens zelfs het middelpunt waarbinnen ook haar medespelers alle ruimte krijgen om te schitteren.

Dragende rol: Keja Klaasje Kwestro in F*CK LOLITA

Foto: Sofie Knijff

De Theo d’Or voor meest indrukwekkende acteerprestatie in een dragende rol ging naar Keja Klaasje Kwestro voor F*CK LOLITA van Het Zuidelijk Toneel.

De voorstelling keert terug naar Lolita, de wereldberoemde roman van Vladimir Nabokov, maar verschuift het perspectief. Niet de volwassen man Humbert Humbert krijgt het woord, maar Dolores: het twaalfjarige meisje over wie hij zijn verhaal heeft geschreven.

Daarmee probeert de voorstelling haar terug te halen uit het beeld dat een volwassen man van haar heeft gemaakt. Volgens de jury laat Kwestro haar niet alleen woedend of beschadigd zien, maar ook geestig, scherp, geraffineerd, kinderlijk en wijs. Ze beweegt afwisselend als prooi en roofdier over het podium en maakt zo haar verandering van object naar protagonist zichtbaar.

Misschien vat juist deze winnaar goed samen waar veel van de prijzen van dit jaar over gaan. Niet alleen om wie het hardst schittert op een podium, maar om wie het verhaal mag vertellen, vanuit welk perspectief we kijken en welke mensen of disciplines daarbij doorgaans buiten beeld blijven.

Van dramaturgen en producenten achter de schermen tot een twaalfjarig personage dat na decennia haar eigen stem terugkrijgt: het Gala van het Nederlands Theater laat ieder jaar zien dat ‘het beste theater’ zich moeilijk in één prijs laat vangen. Misschien zijn er daarom inmiddels ook zoveel.


Volgende
Volgende

Als de vonken overslaan, begint de serie Mint te vliegen