Foxtrot de musical is terug. En dat voelt verrassend urgent.

Delamar Theater // 14 januari 2026

De musicalklassieker van Annie M.G. Schmidt en Harry Bannink is terug. Of nee, dat is eigenlijk niet waar, hij was nooit echt weg. Foxtrot, nu opnieuw tot leven gebracht door MediaLane, voelt niet zozeer als een heruitvoering, maar als een herovering: op de tijdgeest, op het collectieve geheugen, op het idee dat klassieke Nederlandse musicals misschien oubollig zouden zijn. In het DeLaMar Theater blijkt hoe actueel dit materiaal nog altijd is en hoe sterk het staat, juist als het zichzelf durft te blijven.

Foto’s door Danny Kaan

Een jong meisje uit de provincie komt in de jaren dertig naar Amsterdam en belandt in een artiestenpension waar achter elke deur een geheim schuilt. Er is een revue-artiest die Duits geeft (maar zelf amper les kan geven), een zangeres die zich voordoet als operadiva, een madam die alles in de hand probeert te houden, en er zijn grote dromen en grotere teleurstellingen. Foxtrot is nostalgie met rafelranden, en combineert revue-achtige vrolijkheid met (voor sommige mensen ongemakkelijke en) grote thema’s: homoseksualiteit, ongewenste zwangerschap, abortus, angst voor oorlog.

In deze nieuwe versi, geregisseerd door Joep Onderdelinde, zijn de scherpe teksten van Annie M.G. Schmidt grotendeels overeind gebleven, en dat is een zegen. De liedjes (veelal losjes verbonden aan de plot) zijn slim geplaatst, met “De dertiger jaren”, “Niks aan de hand” en natuurlijk het iconische “Sorry dat ik besta” als ankers in de voorstelling. Niet elk nummer drijft het verhaal voort, maar dat hoeft ook niet. Sommige liedjes zijn er vooral om plezier te brengen en dat doen ze met verve.

Wat opvalt is hoe de voorstelling balanceert tussen spektakel en stil verzet. In het cabareteske tempo, met snelle overgangen en scherpe scènes, voel je een lichtheid die bedrieglijk is. De dreiging van het opkomend fascisme sluimert op de achtergrond, en komt juist doordat het niet expliciet wordt uitgeschreeuwd extra hard aan.

Renée de Gruijl laat zien dat ze zich moeiteloos in elk nieuw kostuum weet te nestelen. Haar Lisette is pittig, geestig, en zingt met een vanzelfsprekendheid die haar personage extra geloofwaardig maakt. Het is geen rol die de grote dramatische bogen eist, maar juist de ondertoon van spijt, twijfel en zelfbehoud weet De Gruijl raak te treffen. Ze is een van die performers die alles eigen maakt.

Gerrie van der Klei keert terug in de voorstelling waarin ze ooit zelf als Lisette stond. Nu speelt ze Mathilde, de pensionhoudster, een iconisch castingidee dat op papier briljant is, maar dat in de praktijk voor mij minder scherp uitpakt. Van der Klei blijft een legende, maar haar rol komt niet altijd even duidelijk uit de verf. Is Mathilde streng? Zorgzaam? Berekenend? Het blijft iets te veel in het midden hangen, alsof de richting ontbrak.

Over William Spaaij valt meer te zeggen. Hij speelt Jules, de homoseksuele revue-artiest die worstelt met liefde, schaamte en zelfacceptatie. Zijn timing is goed, zijn energie is constant, en in de tweede akte weet hij de zwaarte van zijn personage zichtbaar te maken. Toch wringt het: Sorry dat ik best, een nummer dat voor veel queer toeschouwers een persoonlijke betekenis draag, raakt niet zo diep als het zou kunnen. Is het omdat Spaaij (zelf hetero) net te veel ‘speelt’ dat hij homo is, in plaats van het simpelweg te zijn? Of is het omdat we, anno 2026, misschien een andere gevoeligheid vragen voor zulke rollen?

Dat de voorstelling deze vraag oproept, is op zich al waardevol. Tegelijkertijd levert Spaaij verder solide werk, met flair en fysieke controle, en weet hij de sfeer van lichte wanhoop goed voelbaar te maken.

De nieuwe Foxtrot is een muzikale klassieker in een hedendaagse jas, met respect voor het origineel én met een duidelijke visie. Dat sommige nummers weinig plot voortstuwen, dat scènes soms leunen op sentiment of nostalgie: het maakt allemaal niet uit. Want dit is een voorstelling die je optilt, en je even laat geloven dat alles nog even mag glanzen voordat de wereld in brand vliegt.

In de pauze hoorde ik iemand zeggen: “Vroeger liep je vrolijk de zaal uit na een musical. Dat is tegenwoordig niet meer zo.” Die zin bleef hangen. Foxtrot laat zien dat je wél een avond uit kunt hebben, zonder de werkelijkheid te ontlopen. Sterker nog: de herkenbaarheid van toen schuurt akelig dicht tegen het nu aan. De teksten over opkomend fascisme, over onverschilligheid, over het zwijgen van minderheden, het is er allemaal nog.

Deze herneming toont dat Foxtrot geen museumstuk is. De voorstelling heeft de tand des tijds doorstaan. Deze voorstelling moet je als cultuurliefhebber minstens één keer in je leven gezien hebben. Misschien wel juist nu.


Volgende
Volgende

Drie acteurs, één explosieve innerlijke crisis - Tick, Tick.. Boom de musical!