Een klassieker herschrijven zonder hem kwijt te raken: La Bayadère bij Het Nationale Ballet

Er zijn weinig balletklassiekers die zo mooi zijn als La Bayadère en tegelijkertijd zo ongemakkelijk. Het origineel uit 1877 van Marius Petipa is een product van zijn tijd: een westerse fantasie over ‘India’, gebouwd op exotisme en stereotype beelden. Decennialang werd dat voor lief genomen. Maar anno 2026 voelt dat anders. Dus rijst de vraag: kun je zo’n klassieker aanpassen zonder hem kapot te maken?

Bij Het Nationale Ballet proberen ze precies dat.

Fotografie/ Photography: Altin Kaftira

Tussen erfgoed en herziening

De nieuwe versie, onder leiding van onder anderen Rachel Beaujean en Ted Brandsen, met co-directors Dr. Priya Srinivasan en Kalpana Raghuraman, kiest niet voor de makkelijke weg. Ze schrappen het stuk niet. Ze laten het ook niet ongemoeid. In plaats daarvan herschrijven ze het verhaal vanuit een historischer perspectief, met aandacht voor de koloniale context waarin Europa en India elkaar ontmoetten.

Dat is geen kleine ingreep. Het betekent dat personages verschuiven, dat machtsverhoudingen explicieter worden en dat de romantische façade van het origineel wordt opengebroken. Tegelijk blijft de kern overeind: een tragisch liefdesverhaal dat eindigt in verlies en in een van de beroemdste scènes uit de balletgeschiedenis, het Koninkrijk der Schimmen.

De inzet is duidelijk: minder exotisme, meer bewustzijn. Minder “doen alsof”, meer reflectie.

Een wereld die blijft ademen

Wat meteen opvalt, is dat deze Bayadère visueel overeind blijft. Waar veel moderniseringen van klassiek ballet eindigen in abstracte leegte, de beruchte witte doos, kiest deze productie voor sfeer.

Oranje tinten domineren het decor, warm en aards. Een boot op de achtergrond suggereert een havenstad; bogen roepen een paleis op. Het voelt als een plek die zou kunnen bestaan, zonder te vervallen in pijnlijke clichés. Geen karikatuur van India, maar een verbeelding die ruimte laat.

Juist daarin zit de kracht van deze enscenering: het is modern, maar niet steriel. Er is nog steeds iets om naar te kijken, om in te verdwijnen. Dat lijkt vanzelfsprekend, maar is het niet.

Wanneer vernieuwing schuurt

Niet alles werkt even goed. Tussendoor verschijnen videoprojecties — een poging om een extra laag toe te voegen, misschien om het perspectief te kantelen of het verhaal te verdiepen. In de praktijk voelen ze eerder als een onderbreking dan als een verrijking.

Soms is het simpelweg onduidelijk waar je naar kijkt. En juist in een kunstvorm die draait om fysieke aanwezigheid, lichamen, beweging, muziek, haalt dat je uit de ervaring. Het is een bredere trend: film sluipt steeds vaker het theater binnen. Soms werkt dat. Hier voelt het als te veel.

Alsof de voorstelling even niet vertrouwt op haar eigen kracht. Gelukkig herinnert het ballet zichzelf steeds weer aan waar het echt om draait: dans.

De dans blijft het antwoord

Het niveau is hoog. Giorgi Potskhishvili maakt indruk met krachtige sprongen en dubbele draaien; er zit ballon in zijn beweging, lichtheid ondanks de kracht. Anna Tsygankova geeft Nikiya een gevoeligheid die blijft hangen, zonder sentimenteel te worden.

En dan is er die tweede akte.

Het Koninkrijk der Schimmen is nog steeds het hart van het stuk — en terecht. Een eindeloze rij van 32 danseressen in witte tutu’s daalt langzaam het toneel op. Het is hypnotiserend, bijna buitenaards. Hier verdwijnt elk concept, elke discussie, elke poging tot duiding. Wat overblijft is pure vorm, pure herhaling, pure schoonheid.

Dit is waarom La Bayadère nog bestaat.

Werkt deze herinterpretatie?

Dat is de ingewikkelde vraag. Want deze productie doet veel goed — maar niet alles valt op zijn plek.

De intentie is helder en terecht: het origineel kritisch bevragen en aanpassen aan een wereld die anders kijkt naar representatie en geschiedenis. Maar in de uitwerking blijft die nieuwe laag soms vaag. De koloniale context wordt aangestipt, maar niet altijd volledig doorleefd. Wie wie is, en wat dat precies betekent, vraagt af en toe bijna om huiswerk vooraf.

Daardoor ontstaat een vreemde spanning: het stuk wil meer zeggen, maar zegt het niet altijd expliciet genoeg.

En misschien is dat ook onvermijdelijk. Want hoe herschrijf je een ballet dat gebouwd is op een wereldbeeld dat we inmiddels problematisch vinden? Hoe ver kun je gaan zonder het fundament weg te slaan?

Toch is het belangrijk dát deze poging wordt gedaan.

Waarom dit soort aanpassingen nodig zijn

La Bayadère opvoeren zoals het ooit bedoeld was, is geen neutrale keuze. Het reproduceert een blik op de wereld die inmiddels achterhaald is — en voor sommigen pijnlijk. Tegelijk is schrappen ook geen oplossing. Dan verdwijnt niet alleen het probleem, maar ook de geschiedenis.

Deze versie zoekt een derde weg: erkennen, aanpassen, doorgaan.

Niet perfect. Wel noodzakelijk.

Eindoordeel

Deze La Bayadère is geen definitief antwoord, maar een tussenstap. Een poging om een klassieker te laten overleven in een andere tijd.

Visueel sterk, dansant overtuigend en inhoudelijk ambitieus, maar niet altijd even scherp uitgewerkt. Soms schuurt het, soms blijft het hangen tussen oud en nieuw. En toch: het werkt. Vooral omdat de kern overeind blijft.

Want uiteindelijk zit de kracht van dit ballet niet in het verhaal, maar in dat ene beeld: een eindeloze rij lichamen die, stap voor stap, de ruimte vullen.

Schoonheid die zich blijft herhalen, ook als de wereld eromheen verandert.

Praktisch
La Bayadère
📍 Nationale Opera & Ballet, Amsterdam
📅 26 maart – 19 april 2026
⏱️ 2 uur 15 minuten (incl. pauze)
🎟️ Tickets vanaf €32

Vorige
Vorige

ATLAS: wat als Atlas het niet alleen hoeft te dragen?

Volgende
Volgende

Eerste blik: De Antwerpse Zes in Mo(de)Mu(seum) in Antwerpen